Blog
Zichtbaar vanaf het begin: belangrijk voor ieder gezin
Recent onderzoek laat een zorgwekkende ontwikkeling zien: de acceptatie van homoseksualiteit onder Nederlandse jongeren is de afgelopen jaren sterk afgenomen [1]. Waar in 2021 nog 40% van de jongens en 78% van de meisjes een positieve houding ten opzichte van homoseksualiteit had, geldt dat in 2025 nog maar voor 22% en 51% van de jongens en meisjes. Ook voelen minder jongeren zich vrij om op school open te zijn over homoseksualiteit.
En hoewel het onderzoek gaat over tieners, zijn deze resultaten een belangrijk signaal voor iedereen die met jonge kinderen werkt. Want op jonge leeftijd leren zij al welke gezinnen, relaties en levensverhalen ‘gewoon’ worden gevonden. Wat kinderen vaak zien, wordt herkenbaar en vanzelfsprekend. Wat ontbreekt, kan onbedoeld als afwijkend worden ervaren. Daarom is het belangrijk om al ver voor de middelbare school hier aandacht aan te besteden.
We weten dat jonge kinderen opgroeien in allerlei verschillende gezinnen: met een moeder en een vader, met twee moeders of twee vaders, met één ouder, met pleegouders of in samengestelde gezinnen. Maar niet alle gezinsvormen zijn even (positief) zichtbaar in de maatschappij. Door die diversiteit aan gezinsvormen bewust zichtbaar te maken, geef je als professional de boodschap aan kinderen: ieder gezin telt mee.
Waarom zichtbaarheid zo belangrijk is: de wereld in hokjes
Maar waarom zou zichtbaarheid op jonge leeftijd het verschil maken? Een antwoord hierop ligt in de manier waarop kinderen de wereld om zich heen leren begrijpen. Je hebt misschien weleens van de term ‘hokjesdenken’ gehoord. De term heeft vaak een negatieve lading, maar in de basis gaat het over het categoriseren van informatie. Jonge kinderen zijn veel bezig met het categoriseren van de wereld. Ervaringen die ze opdoen en dingen die ze tegenkomen, worden geplaatst in de hokjes die ze al in hun hoofd hebben. Soms past een ervaring perfect in een hokje dat ze al hebben. Wanneer dat niet het geval is, gaan ze aan de slag met het aanpassen van hun hokjesstructuur.
Dat aanpassen gaat op verschillende manieren: hokjes splitsen, vernauwen, verruimen of nieuwe creëren. Denk bijvoorbeeld aan een kind dat dieren leert kennen. Eerst zijn alle huisdieren met vier poten voor het kind een hond. Maar na een tijdje leert het onderscheid te maken tussen een poes en een hond (splitsen). Vervolgens gaat het kind de hokjes voor poes en hond steeds verder vernauwen op basis van de poezen en honden die ze tegenkomen. Dat zal in het begin niet altijd goed gaan: kinderen hebben tijd en verschillende ervaringen nodig om hun hokjes steeds nauwkeuriger te maken.
Kinderen kunnen ook juist hokjes verruimen. Bijvoorbeeld wanneer ze leren dat verschillende soorten geel (okergeel, bananengeel, etc.) allemaal in het gele kleurenhokje horen. En als ze iets tegenkomen wat nog echt helemaal onbekend is voor ze? Dan maken ze nieuwe hokjes aan. Dat nieuwe hokje plaatsen ze vervolgens in de buurt van dingen die ze al kennen en die er op lijken. Zo krijgen kinderen een steeds groter kennisnetwerk in hun hoofd.
Wat kinderen leren over gezinnen en relaties
Kinderen gebruiken zulke categorieën niet alleen om kleuren en dieren te onderscheiden. Ook mensen, relaties en gezinnen proberen kinderen te begrijpen en te ordenen. Ze gebruiken alle informatie om hen heen om die categorieën verder aan te scherpen. Daarbij gaat het om wat ze zien, de manier waarop er over of tegen jongens en meisjes wordt gepraat en de manier waarop professionals kinderen soms (onbewust) verschillend behandelen. Hierdoor vormen ze beelden van wat het betekent om een jongen of meisje te zijn, van welke activiteiten daarbij zouden passen en van hoe de relaties tussen mensen eruit zien. Kinderen die nog nooit bewust in contact zijn gekomen met een gezin dat niet bestaat uit een papa en mama, denken dan ook vaak dat dit de enige mogelijke gezinssamenstelling is.
Door vroeg aandacht te besteden aan de diversiteit in gezinssamenstellingen, helpen we kinderen om hun hokjes te verruimen. Als ze verschillende gezinnen en relaties al vroeg leren kennen, hoeven zij hun beeld van wat mogelijk is later minder ingrijpend bij te stellen. Vroeg beginnen betekent overigens niet dat we kinderen een bepaalde mening opleggen. Het betekent dat we ruimte maken voor verschillende gezinnen en dat we vragen serieus beantwoorden, zonder schaamte of oordeel. Wanneer een kind vraagt waarom iemand twee moeders heeft, kan een eenvoudig antwoord volstaan: “Sommige kinderen hebben een moeder en een vader, andere kinderen hebben twee moeders of twee vaders. Elk gezin kan anders zijn.” Zo leren kinderen niet alleen dat gezinnen verschillend kunnen zijn, maar ook dat die verschillen vanzelfsprekend en waardevol zijn.
Wat kun je doen om bij te dragen aan zichtbaarheid?
Het is belangrijk om je te realiseren dat een inclusieve omgeving niet ontstaat door één themaweek, maar door dagelijkse herkenning. Zo bouwen we vanaf jonge leeftijd aan een school en opvang waarin ieder kind en ieder gezin erbij hoort. Juist in kleine momenten en activiteiten kun je een groot verschil maken. Hieronder enkele voorbeelden op een rijtje:
- Kies prentenboeken en verhalen waarin verschillende gezinsvormen vanzelfsprekend voorkomen.
- Besteed expliciet aandacht aan de gezinsvormen of genderpatronen die kinderen minder vaak tegenkomen in het dagelijks leven. Juist daar is het belangrijk om zichtbaarheid te creëren. Voor boekentips, kijk eens op: https://queerboeken.nl/kinderboekentips/
- Controleer je speelmateriaal: zijn er poppen, verkleedkleren en puzzels die meer diversiteit in rolpatronen en gezinssituaties laten zien dan alleen vader-moeder-kind?
- Gebruik inclusief taalgebruik, zoals “je ouder” of “jullie thuis”, in plaats van standaard “papa en mama”.
- Bespreek diverse gezinssituaties bewust wanneer je activiteiten doet rondom het thema familie. Doe dat ook wanneer een bepaalde gezinsvorm niet in de groep voorkomt. Zo voorkom je dat kinderen diversiteit alleen leren kennen wanneer die direct in hun eigen omgeving zichtbaar is.
- Neem je rituelen tijdens Vader- en Moederdag eens onder de loep. Zie ook deze eerder verschenen blog voor concrete tips: https://earlyyearsblog.nl/2025/05/16/voor-de-liefste-mamas/
Literatuur
[1] De Looze, M., Kapitein, M., van Dorsselaer, S., Rombouts, M., Baams, L., Geurts, S., de Lange, A., Monshouwer, K., Peeters, M., Schenk, L., van den Eijnden, R., & Stevens, G. (2026). HBSC 2025. Gezondheid en welzijn van jongeren in Nederland. Utrecht: Universiteit Utrecht en Trimbos-instituut.