Logo Universiteit Utrecht

Early Years blog

Early Years blog

Blog

door
Ruth Heuvelman - Kroon

Samen praten over praatplaten

“Wat is dat?” De leerkracht wijst de maan aan bij het verhaal van Welterusten Kleine Beer. “En hoe heet hij?” vraagt de leerkracht terwijl zij Grote Beer aanwijst. Het jongetje waar deze vragen aan gesteld worden tijdens het bekijken van het prentenboek blijft stil en zegt even later heel zachtjes dat hij het niet weet.

 Vraag en antwoord

Als je een vraag stelt aan de kinderen in je groep, wil je graag een antwoord. Vaak heb je dan de neiging om ‘makkelijke’ (meer gesloten) vragen te stellen, omdat je denkt dat kinderen dan sneller kunnen antwoorden. Het stellen van deze meer gesloten vragen (wat is dit voor kleur? welke vorm is dat? wat is dit?) blijkt juist een grote valkuil te zijn. Dit soort vragen lokt namelijk vaak enkel een kort antwoord uit, als de kinderen al het antwoord weten op je vraag. Het kan ook zijn dat de vraag juist te moeilijk was en dat ze hierdoor merken dat ze weer een woord of antwoord niet weten, zich voelen falen, dichtslaan en helemaal niet meer antwoorden.

Praatplaten om taal thuis en op school te stimuleren

In een eerder blog[i] kon je lezen dat voorlezen en het gebruik van praatplaten goed is om, zowel op school als thuis, de volwassen-kind interacties en daarmee de taal te stimuleren. Verrassend is dat vooral tijdens de activiteiten met de praatplaten kinderen actief bijdragen aan het gesprek en dat zowel ouders als kinderen rijkere taal gebruiken. Je kunt als pedagogisch medewerker en leerkracht de effectieve thuisbetrokkenheid van ouders en daarmee de (taal)ontwikkeling van de kinderen stimuleren. Bijvoorbeeld door ouders praktische tips te geven over hoe zij thuis samen met hun kinderen kunnen praten aan de hand van de praatplaten. Ook in je eigen groep kun je aan de slag met het stellen van deze denkstimulerende vragen.

Welke vragen kun je stellen om het denken te stimuleren?

Welke vragen kan je stellen bij praatplaten en prentenboeken om zo het denken en de taalvaardigheden van de kinderen te stimuleren? Zodat kinderen uitgenodigd worden tot het gebruiken van meer taal en aangemoedigd worden tot nadenken in plaats van het produceren van een kort antwoord op een kennisvraag. Het gaat hierbij om het stimuleren van de taaldenkvaardigheden[ii] en talige cognitieve processen die van belang zijn om goed mee te kunnen komen in het onderwijs.

Blank, Rose & Berlin (1978)[iii] hebben vier niveaus beschreven van deze taaldenkrelaties waar bij de hogere niveaus meer een beroep wordt gedaan op abstracte denkvaardigheden dan bij lagere denkniveaus. De niveaus zijn als volgt opgebouwd (van laag naar hoog) en je kunt daarbij denken aan de volgende vragen: Benoemen; bijvoorbeeld “Wat zie je?”, Beschrijven / Analyseren: “Wat zie je gebeuren op deze plaat? Vertel eens?”, Ordenen; “Wat gebeurt er eerst? En wat gebeurt er dan?” En bij het laatste en hoogste niveau, Redeneren, kun je denken aan vragen als: “Wat zou er gebeuren als? Of hoe zou..?”

Als je doet wat je deed, krijg je wat je kreeg

Laten we teruggaan naar het voorbeeld van het prentenboek en het jongetje in de groep. In plaats van te vragen “Wat is dat?” kun je ook een plaat van het prentenboek laten zien en open vragen stellen: “Wat zie je allemaal? Vertel er eens wat over?” Of: “Hoe zou het komen dat Kleine Beer niet kan slapen? Wat doe jij als je niet kunt slapen?” Probeer het maar eens uit in je groep! Je zult merken dat je hele andere reacties en uitgebreidere antwoorden krijgt van de kinderen.

De kunst van het vragen stellen

Hierbij 5 handige voorbeeldvragen die de taalontwikkeling en het denken stimuleren:

  1. Wat zie je allemaal op deze plaat? Vertel er eens wat over?
  2. Wat gebeurt er eerst? En wat gebeurt er dan? En dan?
  3. Hoe voelt hij / zij zich? Waarom denk je dat? Of: waaraan zie je dat?
  4. Hoe zou het komen dat..?
  5. Vertel eens wat er zou gebeuren als..?

Ook voor ouders kunnen deze tips heel bruikbaar en nuttig zijn. Deze denkstimulerende vragen zorgen ervoor dat zowel ouders als kind(eren) rijkere taal gebruiken tijdens het praten over wat ze zien in een prentenboek of op een praatplaat. Zorg dat je zelf eerst uitleg geeft aan ouders over het stellen van deze denkstimulerende vragen. Bijvoorbeeld door dit een keer voor te doen met interactief voorlezen tijdens een spelinloop of in een rollenspel bij een koffieochtend voor ouders.

 

[i] https://earlyyearsblog.nl/2019/04/26/hoe-zorg-je-voor-hoge-thuisbetrokkenheid-van-ouders/

 

[ii]http://www.google.com/url?sa=t&rct=j&q=&esrc=s&source=web&cd=1&ved=2ahUKEwj9m6WF773iAhUCb1AKHdx-D3YQFjAAegQIBRAC&url=http%3A%2F%2Fwww.cedgroep.nl%2F~%2Fmedia%2Fc87dec1164b74900b50d355e3dbfe4dd.ashx&usg=AOvVaw39RqzKDSqgQf1eqQgH6NPd

 

[iii] https://issuu.com/ced-groep/docs/bladerfolder_even_denken_vragenlijs