Logo Universiteit Utrecht

Early Years blog

Early Years blog

Blog

door
Melissa Be

Een ‘one-stop-shop’

‘Ik kwam er elke dag..’

‘Toen mijn kind nog klein was, ging ik zo vaak mogelijk naar het centrum. Elke dag kwam ik daar om mee te doen met de peutergroep, speel- en leergroep, wandelgroep voor ouders en de zwemgroep. Hoe langer je betrokken bent bij het centrum, hoe meer mogelijkheden er zijn om vertrouwd te raken met de taal en andere cursussen. Je maakt gebruik van alle verschillende voorzieningen in plaats van dat je je kind gewoon naar de dagopvang stuurt.’ -ouder St. Stephen’s

Dit voorbeeld beschrijft St. Stephen’s, een zeer succesvol integraal kindcentrum in Newham (Engeland). Newham is een cultureel diverse wijk waar 37 procent van de bevolking onder de armoedegrens leeft. De meeste gezinnen hebben een Pakistaanse, Indiase, Bengaalse of Oost-Europese achtergrond. Het centrum bestaat uit een kinderdagverblijf, voorschool en basisschool. Daarnaast is er prenatale- en basisgezondheidszorg, gezinsondersteuning, logopedie, opvoedcursussen en een aanbod van sport- en vrijetijdsactiviteiten voor het hele gezin. In 2017 is de St. Stephen’s basisschool verkozen tot de beste openbare school in Engeland (Sunday Times). De 11-jarige leerlingen behaalden topresultaten op het gebied van lezen, spelling en rekenen, terwijl het Engels voor de meesten een tweede taal is. Professor Jacqueline Barnes van de Universiteit van Oxford heeft in het ISOTIS-project onderzoek gedaan naar dit programma waarin ouders, managers en de leidinggevende van het centrum werden geïnterviewd [1].

Wat zijn volgens deze personen de belangrijkste succesfactoren ?

  • Een integraal aanbod met één leidinggevende en één visie. De visie van St. Stephen’s is: ‘Elk kind kan zich ontplooien tot een zelfverzekerde, respectvolle en moderne wereldburger en is in staat om een waardevolle bijdrage te leveren aan de samenleving.’ Deze visie wordt door iedereen gedeeld en dat is volgens de leidinggevende de sleutel voor succes. Daarom is het belangrijk om gezamenlijke trainingen en activiteiten te organiseren voor medewerkers. Ieder jaar komen professionals van de dagopvang, voorschool en school bijeen om een gezamenlijk ontwikkelingsplan op te stellen. Daarnaast wordt elke medewerker getraind in het begeleiden van de opvoedcursussen. Deze activiteiten dragen bij aan continue kwaliteitszorg en zorgen ervoor dat alle betrokkenen op één lijn zitten.
  • Een laagdrempelig en toegankelijk aanbod aan voorzieningen op één plek, een ‘one-stop-shop’ voor ondersteuning en zorg van voor de geboorte van een kind tot en met het basisonderwijs. Het is duidelijk voor ouders welke activiteiten en diensten er zijn. En er is altijd een medewerker die hen de weg kan wijzen. ‘Het is heel makkelijk. Wanneer je het centrum binnenloopt heb je verloskundigen, praatgroepen, zorgprofessionals. Heel erg makkelijk. Wanneer je met iets zit en het lukt je niet om in te schrijven, dan praat je gewoon met één van de medewerkers, zij vertellen je op welke dagen je geholpen kan worden.’ (ouder)
  • Een open cultuur en goede communicatie. Een belangrijke voorwaarde is dat medewerkers elkaar vertrouwen en respecteren. Het maakt niet uit of je er parttime, fulltime, als manager, leerkracht of als pedagogisch medewerker werkt. Waar het uiteindelijk om gaat is dat je elkaar, en iedereen die het centrum binnenloopt, waardeert en als gelijke ziet. Dát is een kernwaarde binnen de organisatie.

In Nederland

Sinds een aantal jaren wordt er in Nederland veelvuldig gesproken over hoe het beste kan worden samengewerkt om  ondersteuning, zorg en onderwijs voor kind en gezin zo toegankelijk mogelijk te maken. In ons land zijn mooie voorbeelden van integrale kindcentra te vinden, waarbij er ook vanuit een gedeelde visie wordt gewerkt. Onder professionals heerst een sterk besef dat samenwerking nodig is om kinderen en gezinnen beter te begeleiden en ondersteunen. Tegelijkertijd sluiten de systemen van verschillende aanbieders nog niet altijd goed op elkaar aan wat de samenwerking kan belemmeren. Denk bijvoorbeeld aan de verschillen in cao’s en verantwoordelijkheden. Hoe kunnen we daar verandering in brengen?

Ukkiegroep

Ook in Nederland zijn er mooie initiatieven waarbij van jongs af aan wordt geïnvesteerd in het opbouwen van een vertrouwensband met ouders. In Rotterdam heb je de zogenaamde ‘Ukkiegroep’, die onderdeel is van een peuterschool. Ouders met een kind tussen de 0 en 2 jaar komen bij elkaar. Ook de baby’s vinden het leuk bij de Ukkiegroep, er is namelijk een gevarieerd aanbod aan speelgoed aanwezig dat past bij de leeftijd van de groep. Ouders (en kinderen) ondernemen gezamenlijke activiteiten en kunnen een praatje maken met elkaar. Bijvoorbeeld over wat ze lastig vinden in de opvoeding. Zo kunnen ze zien dat zij niet de enigen zijn die ergens mee worstelen. Een professional zit erbij om vragen te beantwoorden of verdieping te geven aan de gesprekken. En dat werkt! Ouders vinden het prettig om de zorg met andere ouders te kunnen delen en raken vertrouwd met de kinderdagopvang of de voorschool. Iedere ouder heeft het beste voor met hun kind. Sommige ouders zijn zelfs ambassadeur geworden en enthousiasmeren andere ouders om naar de groep te komen. De Ukkiegroep wordt het komende jaar uitgebreid naar andere delen van de stad.

 

[1] http://www.isotis.org/wp-content/uploads/2018/06/D6.2.-Review-on-inter-agency-working-and-good-practice.pdf